 |
Termessos Turkije

De ruïnes van Termessos liggen hoog in de bergen,
zo'n 35 km. ten westen van
Antalya. U treft hier een bezienswaardigheid die niet
alleen een bezoek waard is om zijn archeologische waarde, maar ook
om zijn prachtige ligging. Om het nationaal park van Termessos te
bereiken moet u eerst de weg volgen die leidt naar Burdur en Isparta.
Ongeveer 13 km na deze afslag ziet u rechts een weggetje naar de
Karaingrotten (9 km), waar de oudste sporen van menselijke bewoning
in Turkije zijn gevonden. U bent dan al bijna bij de ingang van het
Tennessos Milli Parki. Als u niet beschikt over eigen vervoer, moet
u de laatste acht steile kilometers naar de ruïnes te voet afleggen.
Maar meestal wachten er wel een of meer taxi's bij de ingang van het
park, waar zich een heel eenvoudig museum bevindt met wat foto's van
planten en dieren en een enkele vondst. Het park gaat 's ochtends om
8.00 uur open en zeker 's zomers verdient het aanbeveling om zo
vroeg mogelijk op pad te gaan.
Het ruige Termessos was één van de belangrijkste steden van de
Pisidiërs, een volk dat leefde van de veeteelt en het verbouwen van
graan en fruit. Hun schilderachtig gelegen hoofdstad was zo moeilijk
te veroveren. dat zowel Alexander de Grote als de Romeinen de
vesting ongemoeid lieten. Verspreid liggen op een pas tussen twee
bergen grote delen van een sterk door Rome geïnspireerde stadsmuur.
een poort, een gymnasion, een theater, een odeion, grote putten voor
het verzamelen van regenwater en een necropolis met grote, ten dele
verwoeste graftomben. De stad werd waarschijnlijk verlaten na een
zware aardbeving en tegenwoordig is bijna alles overwoekerd.
Voor echte doorzetters voert vanaf de ruïnes een aantrekkelijk
wandeling door het nationale park via een forellenkwekerij met
restaurant en over de hellingen van de 1160 mtr. hoge berg Güllük
naar een wat oostelijker gelegen parkeerplaats aan de weg Korkuteli
- Antalya. Onderweg loopt u door de typisch mediterrane begroeiing
van pijnboombossen afgewisseld met maquis, taai en doornig
struikgewas. In het voorjaar bloeien er wilde narcissen. In hoogste
delen van het nationale park leeft de schaarse bezoargeit., een dier
dat sterk verwant is aan de steenbok. Waarschijnlijk is het de
oervorm van onze huisgeit. Over de bergen scheren hier soms nog vale
gieren. Bij de parkeerplaats waar deze wandeling eindigt. begint een
tweede wandeltocht van ongeveer twee uur in zuidoostelijke richting
door de Güverkloof bij Düzlerçaml. Na ongeveer 1 km komt u langs een
groot omheind gebied met bezoargeiten en damherten. Daarna voert de
weg naar enkele uitzichtpunten boven de indrukwekkende rotskloof. De
canyon is ontstaan door het oplossen en instorten van het kalk dat
in het Mesozoïcum (100 miljoen jaar geleden) werd afgezet op de
bodem van de oerzee.

|
 |