 |
Derwisjen - Konya -
Turkije

Het van het Perzisch afgeleide Turkse woord darvesh
betekent bedelaar. Een Derwisj behoort, zoals een Christelijke
monnik, tot de klasse van de Sufi-moslims. Er bestaan verschillende
Derwisj gemeenschappen die eigen regels en rites eerbiedigen, met
een eigen kledij en specifieke methoden om nieuwelingen in te wijden
en te ontvangen.
Niet alle broederschappen eerbiedigen strikt de ceremoniëlen en
rituelen van de Islam en ook hun bezigheden en activiteiten
verschillen. Sommige derwisjen zoeken kloosters op, tekkes of
khanagahs genoemd, andere zijn zwerf en bedelmonniken. Er zijn
echter ook derwisjen, die actief zijn in de handel of in een
productieproces.
Toeristen kennen vooral de Derwisjen die optreden als religieuze
artiesten. Dat optreden op publieke of op privé-festivals heet zikr.
In een aantal gevallen leidt dit voor de monnik tot een soort van
trance.
De derwisjen ontstonden in de 8ste eeuw nadat de Islam in contact
was geraakt met Perzische godsdiensten en het hindoeïsme. Een van de
bekendste derwisj orden is de Kadiris, die gesticht werd in 1165.
Verder zijn er ook de Rifais, die sedert 1182 glas eten en zwaarden
inslikken. De Kalenderis zijn zwerfderwisjen. De Mawlaw of Mevlevi
van
Konya zijn de draaiende derwisjen.
Genodigde van Seltsjuken
Hun orde werd in 1273 opgericht door volgelingen van de Perzische
dichter en mysticus Celalettin Rumi (ook geschreven: Jalaluddin-i
Muhammad Din ar-Rumi of Mevlana Djalal Al-Din Rumi). Deze ook als
Mevlana ('onze meester') gekende poëtische theoloog was in Konya
beland op uitnodiging van de Seltsjukse sultan.
Deze Rumi leefde tussen 1207 en 1273 en zag het levenslicht in Balkh,
in het huidige Afghanistan. Zijn familie vluchtte in 1220, via
Syrië, voor de Mongolen naar Perzik en nestelde zich nadien in
westelijk Turkije.
Na de dood van zijn vader, een mystiek theoloog, nam Rumi diens
leerstoel over in het theologisch college (medrese) van Konya.
Een van zijn collega's, Alaattin, introduceerde hem verder in de
Maarif, het geestelijk dagboek en de sermoenenverzameling van zijn
vader, die de basis zou vormen voor zijn later werk. Hij leerde toen
ook de mesnevi kennen, de rijmende coupletten van Hakim Sanai, die
deze dichtversie als eerste gebruikte.
Zon van het geloof
Toen de Mongolen in 1236 ook Anatolia overrompelden, evolueerde Rumi
tijdens die troebele periode definitief naar het mysticisme. In 1244
legde Rumi in Tabriz zijn geloofsbelijdenis af bij der derwisj
Cemsettin (ook geschreven: Shams ad-Din).
Volgens de bronnen zouden beide mannen dagen en weken onder hun
tweetjes hebben doorgebracht zonder te eten of te drinken, terwijl
ze verdiept bleven in hun mystieke geestelijke verstandhouding. De
diepe vriendschap tussen Rumi en Cemsettin leidde tot jaloersheid en
Cemsettin werd gedwongen om Konya te verlaten.
Rumi ontpopte zich toen tot een dichter die zijn liefde en heimwee
voor Cemsettin bezong, terwijl hij rondcirkelde op de tonen van de
muziek. Rumi kon zijn transformatie niet uitleggen en schreef dit
toe aan een kracht, die boven hem stond. Hij bleef dichten en
mediteren en schreef aldus 30.000 droeve verzen. Rumi verwees hierin
nooit naar de betreurde Cemsettin, maar altijd naar de zon.
Cemsettin betekent in het Arabisch 'zon van het geloof'.
Cemsettin keerde uiteindelijk terug naar Konya, maar zou in 1248 op
een geheimzinnige manier definitief verdwijnen. Het is vrijwel zeker
dat hij, toen de mystieke vriendschap met Rumi herbegon, werd
vermoord door diens jongste zoon. Rumi wist dit, maar wou dit niet
toegeven en begon nu gedichten te schrijven dat 'de zon' nooit kan
sterven.
1001 dagen kosteloze arbeid
Rumi zou nadien worden beïnvloed door de goudsmid Salahettin en een
zijner studenten, Husamettin Celebi. Laatstgenoemde vroeg zijn
meester ('mevlana') een mystiek georiënteerde mesnevi
(rijmcoupletten) te componeren en begon nota's te nemen van Rumi's
inspiratie.
Rumi's Masnaviye Manavi had een grote invloed op de islamitische
literatuur. De Mevlevi ontstonden onmiddellijk na Rumi's dood op 17
december 1273. Van hem bleven ook honderden brieven over die hij
gericht had aan familieleden.
Om derwisj te kunnen worden, moeten vooraf 1001 dagen kosteloze
arbeid ten gunste van de gemeenschap worden verricht. Een
aanvankelijke opdracht van de derwisjen was de islamisering van
christenen in Anatolia. In 1925 liet
Mustafa Kemal Ataturk - in zijn
strijd tegen het religieus conservatisme - het klooster van Konya
sluiten en werden de dansen verboden.
Pas in 1960 werd het verbod opgeheven. De derwisjen dansen nu niet
meer in een klooster, maar jaarlijks, in december, tijdens het Mevlana-festival in een sporthal. Officieus worden er ook wel op
andere data dansvoorstellingen gehouden, zoals in de mooi
gerestaureerde caravanserail Horozlu Han.
Applaus is uit den boze
Als derwisjen dansen is een applaus uit den boze. Zij dansen immers
alleen voor Allah.
De rituele dans, de sema, loopt volgens een vast patroon. De dansers
houden de rechterhand iets omhoog om de hemelse zegen te krijgen,
die vervolgens met de neerwaarts gehouden linkerhand wordt
doorgegeven aan de aarde.
De mannen dansen voortdurend in een enkele richting en geven de
snelheid door te draaien op hun linkerhiel. Het is een fascinerend
zicht: de rokken zwieren en zwaaien en het ziet er naar uit dat de
dansers elk ogenblik van de grond kunnen loskomen.
Driemaal dansen ze. Een eerste dans is gewijd aan de kennis van God,
een tweede aan zijn aanwezigheid en een derde aan de eenheid van
God.
De man van wol
Sufi betekent in het Arabisch 'man van wol'. De benaming werd
toegekend aan islamitische ascetische mystici die wollen kleding
droegen. Het islamitisch mysticisme ontstond al in de 7de eeuw, maar
de sufisten volgden tweehonderd jaar later. Zij moesten zeven regels
eerbiedigen: berouw, afstand doen, onthouding, armoede, geduld,
vertrouwen en gehoorzaamheid in God.
Door hun verregaande persoonlijke vereenzelviging met God schokten
de sufi's vele orthodoxe gelovigen en pas begin van de 12de eeuw
wist de filosoof-theoloog al-Ghazali beide kampen te verzoenen.
In de middeleeuwen bestonden er belangrijke sufi-orden met miljoenen
aanhangers. Thans zijn er nog een honderdtal, vooral in Iran.
Celalettin Rumi was een van hun belangrijkste stichters.
 |
 |